Landschapsbeheer Flevoland

Ons werk - Landschap en boerenerven Biodiversiteit op het erf

Erven zijn een belangrijk leefgebied voor diersoorten van het boerenland. Erfbewoners als zwaluwen, mussen, uilen en vleermuizen zijn afhankelijk van de beplanting, de weiden en de gebouwen om voedsel en beschutting te vinden, maar ook om zich voort te planten. 
De boerenerven zijn de afgelopen decennia steeds kaler en 'netter' geworden of ze zijn intensiever in gebruik voor stallen, silo's en landbouwwerktuigen. Door deze ontwikkelingen gaan de verschillende soorten erfbewoners in aantal hard achteruit terwijl ze juist zo belangrijk zijn als natuurlijke bestrijders van muggen, vliegen en muizen. 
Biodiversiteit op het boerenerf is dus meer dan een “overhoekje met bloemen”. Om de biodiversiteit op het erf te bevorderen kunnen verschillende maatregelen genomen worden. U vindt hier allerlei informatie over de inrichting van erven.

Boomholten

Een groot deel van het bomenbestand in Flevoland verkeert inmiddels in een vroeg volwassen stadium. Ook de beplanting op de erven. Met het ouder worden ontstaan door verschillende oorzaken ook holten in de bomen, zowel in levende als in dode bomen. Lees meer over boomholten op het natuurerf of bekijk de informatieve poster.

Zwaluwen op het erf

 Begin april komen de eerste boeren- en huiszwaluwen vanuit hun overwinteringsgebieden in Afrika terug om in Nederland te broeden. Eerst een enkele, maar vanaf half april tot in mei arriveren ze in grote getale. 

Zwaluwen hebben een voorkeur voor open, landelijk gebied met lage vegetatie en water in de buurt. Erven bieden vaak geschikte broedplekken, hoewel de moderne stallen vaak niet meer toegankelijk zijn voor zwaluwen en op veel boerenerven door schaalvergroting en verharding de rommelhoekjes met ruige begroeiing zijn verdwenen. Met een beetje hulp kunnen ze toch een plekje op het erf krijgen. Lees meer over zwaluwen op het erf of bekijk de informatieve poster.

Insectvriendelijk maaibeheer

Sinusmaaibeheer kan je ook slingerend maaibeheer noemen. Door elke keer in wisselende patronen (sinussen) te maaien, ontstaat er een maximum aan variatie, met delen die jaarrond of zelfs meerdere jaren overstaan en stukken die 3-4 keer per seizoen worden gemaaid. Zo blijven er op elk moment van het jaar bloeiende planten binnen vliegafstand staan, waar solitaire bijen en andere insecten nectar en stuifmeel kunnen verzamelen. Bijkomend voordeel van deze speelse manier van gefaseerd maaien is, dat in het terrein van vrijwel elke plantensoort exemplaren aanwezig zijn, die hun cyclus t/m de zaadvorming kunnen voltooien.

Lees meer over insectvriendelijk maaibeheer op het natuurerf of bekijk de informatieve poster.

Poelen

Poel als magneet in het landschap

Van oudsher vervult de poel op het oude land vele functies. Als drinkplaats voor vee, wasplaats en bluswatervoorraad. Daarnaast hebben poelen ook een belangrijke ecologische functie. Hoewel de poel in Flevoland bij de inrichting niet tot de basislandschapselementen hoorde, zijn er inmiddels vele tientallen aangelegd. Deze liggen zowel in natuurgebieden als in het agrarisch landschap

 Lees meer over poelen als magneet in het landschaap of bekijk de informatieve poster over poelen op het natuurerf.