Landschapsbeheer Flevoland

Projecten


Het project Watererfgoed Oostelijk en Zuidelijk Flevoland probeert een beeld te geven van bijzondere elementen in en langs de grote vaarten. Vaarten als Lage en Hoge Vaart zijn nu zo’n 60 jaar oud en het wordt tijd om na te denken welke elementen de moeite zijn om te bewaren voor de toekomst. Gewoon omdat ze een verhaal van Flevoland vertellen.

Een duik in de archieven is dan handig, maar zeker ook de gesprekken met mensen die betrokken waren met het water en de inrichting ervan. Zoals het gaat met onderzoek worden er vragen beantwoord, maar levert het ook vaak nieuwe vragen op. Sommige passen goed binnen het onderzoek, anderen zijn vooral vanuit persoonlijke nieuwgierigheid interessant. Wellicht dat één van de lezers van deze Nieuwsflits nog antwoorden of informatie heeft over de volgende zaken:

Naamgeving Hoge en Lage Vaart 
De Hoge en Lage Vaart hebben de eerste jaren bij aanleg anders geheten: Hoofdvaart I en II. Eens is er besluit gevallen dat de vaarten  Hoge en Lage Vaart gingen heten. Dat moment lijkt ergens tussen 1962 en 1967 te liggen. Maar wanneer precies blijft onduidelijk. Wie weet het?

Kilometrering Hoge en Lage Vaart 
Het zal de meeste mensen nooit zijn opgevallen, maar de kilometrering van beide vaarten loopt van Almere naar Ketelhaven, terwijl de vaarten van Ketelhaven richting Almere zijn gemaakt. Waarom is die kilometrering zo en wanneer is die ontstaan?

Veel soorten blokkenmatten 
Kijkend van Ketelhaven naar Almere verandert de manier waarop de oevers zijn vastgelegd. Eerst betonnen damwanden, dan houten damwanden en vervolgens blokkenmatten. Het beschrijft mooi de inzichten van de jaren 60, 70 en 80 hoe een oever verdedigd moest worden. Blokkenmatten zijn betonnen stenen die met staaldraad aan elkaar zitten of verlijmd aan een doek. Grote oppervlaktes kunnen dan snel neergelegd worden. Blokkenmatten kwamen in de jaren 80 overgewaaid vanuit Amerika en zijn hier in productie genomen. Om ervaring ermee op te doen waren proefprojecten nodig. De aanleg van Zuidelijk Flevoland was natuurlijk een ideale proeflocatie. Rond Almere zijn dan ook vele soorten blokkenmatten te vinden. Iemand een idee hoeveel soorten er toentertijd zijn aangelegd?

Visplaatsen en hun naamgeving 
Alleen in Oostelijk Flevoland zijn langs de vaarten speciale visplaatsen aangelegd. De RIJP heeft er zo’n 30 gemaakt (zie kaartje). De meeste als een vrije kleine, beschutte locatie langs een van de vaarten, andere zijn groter geweest en waren bedoeld als recreatieplek voor de hele familie. Visplaatsen kregen een naam gebaseerd op een vissoort. Onduidelijk is of al die 30 plekken zo’n naam hadden. De indruk is dat dit bij de grotere visplekken niet het geval was. Maar als elke visplaats een naam had, dan missen we er nog wel een flink aantal. Wie kent de namen van de Flevolandse visplaatsen?

Fietsbruggen 
Het verhaal gaat dat de RIJP een eigen werkplaats had waar o.a. de fietsbruggen gemaakt werden. Bruggen die opvallen door de driehoeksvormen in de reling. Onduidelijk is of dit ontwerp daarmee typisch is voor Flevoland. Of zijn dit type bruggen ook elders in Nederland te vinden?

Mocht u iets van deze onderwerpen weten en met ons willen delen? Neem dan contact op met Jeroen Reinhold (Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.)