Landschapsbeheer Flevoland

Nieuws

Uit het jaarverslag vrijwillige weidevogelbescherming 2018 van Landschapsbeheer Flevoland blijkt dat de weidevogelstand in Flevoland verder achteruit gaat. Er zijn 681 nesten gevonden van o.a. kievit, scholekster, tureluur en grutto. Helaas is dit weer een daling van het aantal weidevogellegsels. Dit gaat al vele jaren zo, met zo nu en dan een kleine opleving.

Ondanks dat vrijwilligers nesten zoeken en de boeren deze nesten beschermen is het jammer om te moeten constateren dat er steeds minder vogels op het boerenland te vinden zijn. Dit is overal in Nederland het geval, dus in Flevoland zijn we daarin geen uitzondering.

Alles staat of valt met de beschikbaarheid van voedsel en een veilige, rustige broedplaats voor weidevogels. Dat is tegenwoordig in onvoldoende mate te vinden op het boerenland. Ook heeft de steeds kleinere populatie weidevogels meer last van predatoren. Daardoor worden er te weinig kuikens groot en neemt de populatie langzamerhand af. Dit gaat natuurlijk niet van de ene op de andere dag.

Trend
Als je een trendlijn in de aantallen gevonden nesten van de afgelopen 10 jaar van tureluur en grutto doortrekt tot het nulpunt, dan blijkt dat er over 4-6 jaar geen grutto’s en tureluurs meer in Flevoland zijn. Doe je ditzelfde voor kievit en scholekster dan zijn we over 11 jaar op het punt beland waarop het pijnlijk stil op de akkers wordt. Ondanks nestbescherming lijkt dit het scenario te zijn waar we op af stevenen.

 

Is het tij nog te keren?
Hoe krijgen we de kuikens wél groot in het boerenland? Soms worden ze gepakt door een predator,  maar dat is absoluut niet het grootste probleem, al willen sommige mensen dat maar al te graag (doen) geloven. Als weidevogelkuikens onvoldoende eten weten te vinden sterven ze de hongerdood. Bij het verbeteren van dat voedselaanbod ligt de grootste uitdaging. Gelukkig zie je steeds meer koeien in de wei, een goed begin. Maar bloemen zijn er op de groene biljartlakens niet te vinden. Bloemen die insecten aantrekken, het voedsel van voor weidevogels. Dat moet dus veranderen, al zijn het maar bloeiende stroken en greppels aan de rand. Ook staan weidevogels graag met de pootjes in het water, in drassige percelen gaan snavels gemakkelijk de grond in.

Dit alles overziend betekent het dat er iets drastisch moet veranderen in de agrarische sector, willen we nog kunnen genieten van weidevogels op het boerenland. De vraag is of we dit nog op tijd gaan meemaken in Flevoland. Agrarisch natuurbeheer doet een poging, maar het is te marginaal en neemt  onvoldoende maatregelen die het biotoop verbeteren voor weidevogels. Dus als het roer niet om gaat dan zal het over 5-10 jaar stil worden op het boerenland.