
In de rubriek ‘Van binnenuit’ nemen onze collega’s van Landschapsbeheer Flevoland je mee achter de schermen. Van medewerkers tot directeur en bestuursleden vertellen zij over hun werk in het landschap, hun ideeën en bijzondere momenten waarbij natuur, erfgoed en landschap samenkomen.
Veel van wat Landschapsbeheer Flevoland doet, speelt zich af buiten het zicht van de buitenwereld: in het veld, vroeg in de ochtend of laat in de avond. In deze driedelige serie gaan we in gesprek met collega Anna Blaauwgeers, ecoloog en veldmedewerker. Ze vertelt over het monitoringswerk dat achter de schermen plaatsvindt: van nulmetingen in stadswijken tot nachtelijke vleermuisrondes en een bever die de bouwplanning overhoop gooide.
Een aannemer rijdt zijn terrein op, kijkt naar het water naast de bouwlocatie en ziet iets bewegen. Een dikke, bruine vacht. Een brede, platte staart. Onmiskenbaar: een bever. Hij meldt het, een beetje aarzelend. Want wat nu?
Dit soort momenten zijn precies waarom Landschapsbeheer Flevoland vroeg wordt ingeschakeld bij bouwprojecten. Anna kent het scenario. “Zulke meldingen komen vaker dan mensen denken. En de eerste stap is altijd hetzelfde: ik ga het veld in en kijk wat ik kan vinden.”
Een bever zie je zelden direct, maar zijn sporen zijn onmiskenbaar. Knaagsporen op bomen en takken, een burcht van modder en twijgen, ingetreden oevers. Anna brengt systematisch in kaart waar het dier zich ophoudt, welk deel van de waterloop hij gebruikt en waar zijn burcht zich bevindt. Dat tekent ze in op een gedetailleerde kaart.
Bevers zijn zwaar beschermd in Nederland. Dat betekent dat werkzaamheden die hun leefgebied verstoren zonder ontheffing niet zomaar mogen plaatsvinden. Maar het betekent ook niet automatisch dat alles stilvalt. “De vraag is niet: hoe zorgen we dat de bever verdwijnt? De vraag is: hoe zorgen we dat hij ergens anders wil zijn.”
Een dier verplaatst zich alleen als de nieuwe plek aantrekkelijker is dan de oude. Dus je gaat die nieuwe plek aantrekkelijker maken."
Anna, ecoloog & veldmedewerker
Het grootste risico bij dit soort situaties is niet de bever zelf. Het is het te laat ontdekken ervan. Wie halverwege een bouwproject stuit op een beschermde soort, heeft een veel groter probleem dan wie dat van tevoren weet. Vergunningen kunnen worden ingetrokken, projecten kunnen maandenlang stilliggen. Anna ziet het regelmatig: “Aannemers zijn soms bang om vroeg te melden dat er beschermde dieren in de buurt zitten. Ze denken dat het hun werk vertraagt. Maar als ze er later achter komen, zijn de gevolgen veel groter.”
Vroeg inschakelen van een ecoloog, liefst al in de planfase, maakt het verschil tussen een soepel project en een lang juridisch traject. En soms, met wat wilgen op de juiste plek en een slimme oeverinrichting, rijdt de aannemer zijn terrein op en is de bever al lang verder gezwommen.
Van te voren wat er is een gebied? Laat een nulmeting uitvoeren. Neem gerust contact op voor meer informatie!