Van Binnenuit

In de rubriek ‘Van binnenuit’ nemen onze collega’s van Landschapsbeheer Flevoland je mee achter de schermen. Van medewerkers tot directeur en bestuursleden vertellen zij over hun werk in het landschap, hun ideeën en bijzondere momenten waarbij natuur, erfgoed en landschap samenkomen.

Collega's aan het woord

Een nest van Oeverzwaluwen
Jan Nagel transparante achtergrond

Jan Nagel is medewerker bij Landschapsbeheer Flevoland. Dit jaar werkt hij al 28 jaar aan de bescherming van de weidevogel. 

28 jaar weidevogelbeschermer!

Een interview met collega Jan Nagel

Landschapsbeheer Flevoland zoekt nieuwe nestenzoekers voor het weidevogelproject. We spraken met Jan Nagel, onze medewerker bij Landschapsbeheer Flevoland die zich al 28 jaar inzet voor de bescherming van weidevogels.

Opgegroeid tussen de weidevogels

Jan Nagel is geboren en getogen in Friesland. Zijn interesse in weidevogels begon al vroeg, omdat zijn vader kievitseieren zocht. “Het zoeken van eieren zat er bij ons eigenlijk van jongs af aan in,” vertelt hij. Elk voorjaar ging zijn vader het land op, met zijn pet in de binnenzak. “Wij zaten thuis en keken door het raam. Kwam hij terug met zijn pet op, dan wisten we meteen waarom: onder de pet had hij de eerste gevonden kievitseieren veilig meegenomen.”

De eieren werden destijds verkocht. “Wij aten ze zelf niet, we vonden ze niet lekker. Maar mijn vader verkocht ze wel. Daar stond je toen niet bij stil; het was een andere tijd.” Het verschil met nu is groot. “Soms nam hij wel tien eieren mee naar huis. Er was toen veel meer voedsel en ruimte voor weidevogels op het boerenland. Je kunt je voorstellen hoeveel nesten er toen op de percelen waren, er was voor de vogels genoeg voedsel te vinden de percelen waren lang nat in het voorjaar en boeren moesten daardoor lang wachten voordat land toegankelijk was, dat gaf de vogels de tijd om veilig te broeden.”

Kievit ei

Van zoeken naar beschermen

Later ging Jan zelf ook op pad, maar met een ander doel: niet om eieren te rapen, maar om ze te beschermen. “De aantallen weidevogels nemen steeds verder af. Je vindt nu soms maar een enkel nest op een perceel. Die lage aantallen maakt het voor de weidevogels juist lastig, in je eentje een groepje meeuwen wegjagen lukt minder goed dan dit met een hele kolonie weidevogels te doen. Dan snap je ook dat ze het niet gemakkelijk hebben. Maar stoppen is geen optie.”

Al 28 jaar zet Jan zich vanaf eind maart samen met vrijwilligers in voor de bescherming van weidevogels. Sommige vrijwilligers doen mee vanaf het begin. Zijn favoriete weidevogel? “De bontbekplevier. Het is een mysterieuze soort: lastig te vinden en daardoor een echte uitdaging. Bovendien broeden ze vaak op de meest onmogelijke plekken, maar we blijven het proberen om zijn nest te beschermen.”

Bontbekplevier ei
Bontbekplevier met eieren

Het begin van het seizoen

Jan haalt zichtbaar plezier uit het eerste teken van het broedseizoen. “Als straks het eerste kievitsei weer wordt gevonden, gaat het voor ons toch weer een beetje kriebelen. Het stelt op zichzelf misschien niet veel voor, maar toch denk je: ha, lekker, het seizoen is weer begonnen, we gaan aan de slag!”

Blijven doorgaan, ondanks alles

Het nieuws over de staat van de weidevogels stemt Jan soms somber, maar hij blijft gemotiveerd. “Je voelt je gewoon verbonden met die vogels. Het plezier in het zoeken en beschermen van individuele nesten moet je vasthouden, soms tegen beter weten in.”

Vrijwilligers gezocht

Voor het weidevogelproject is Landschapsbeheer Flevoland op zoek naar nieuwe vrijwilligers. “Ervaring is niet nodig, maar je moet wel goed ter been zijn,” zegt Jan. “Nieuwe vrijwilligers koppelen we altijd aan iemand met ervaring. En een beetje eigenwijs zijn helpt misschien ook: doorgaan, ook als het moeilijk lijkt.”

Het weidevogelproject

In drie avonden leren deelnemers hoe ze kieviten, grutto’s en andere weidevogels kunnen helpen. Vanaf half maart leggen weidevogels hun eieren in Flevoland, vaak midden op akkers die nog bewerkt moeten worden. De taak van de vrijwilligers is om deze nesten op tijd te vinden, te markeren en samen met de boeren te zorgen dat ze beschermd zijn.

“Elk nest dat je vindt, red je letterlijk,” benadrukt Jan. “Je moet vooral iets praktisch voor vogels willen doen. Interesse en liefde voor vogels is genoeg; wij leren je de rest. Daarna ga je mee het veld in met een ervaren weidevogelbeschermer, die je de fijne kneepjes van het vak laat zien.” Waarna je zelf verder kan met zoeken en beschermen van nesten.